Met het opmaken van de jaarrekening 2017 kan een eerste financieel rapport opgemaakt worden van de voorbije legislatuur. Dankzij de normalisering van de inkomsten en het onder controle houden van de uitgaven kreeg de gemeente weer financiële ademruimte. Zo kon Dilbeek de voorbije jaren fors investeren en tegelijk haar schuldgraad drastisch verlagen van bijna 120% eind vorige legislatuur naar 43% vandaag.  

 

Het contrast met het einde van de vorige legislatuur is groot. Van een veel te hoge schuldgraad eind 2012 (120%) werd de schuldgraad op vijf jaar tijd structureel afgebouwd en heeft Dilbeek vandaag een gezonde schuldpositie (43%). Dankzij geboekte begrotingsoverschotten moesten er de voorbije 5 jaar weinig nieuwe leningen worden aangegaan (slechts voor 6 miljoen €).   

Figuur 1: de evolutie van de schuldgraad

Als gevolg daarvan is er vandaag marge voor nieuwe leningen en dus ruimte om ook in de toekomst te blijven investeren. En die ruimte is absoluut nodig: de gemeente had en heeft nood aan bijkomende investeringen. De boekwaarde van de gemeentelijke eigendommen (Materiële Vaste Activa) geeft een mooi beeld van het huidige en nodige investeringsbeleid. Deze legislatuur nam de waarde van ons patrimonium (gebouwen & wegen) sterker toe dan de daling van de boekhoudkundige waarde door veroudering (afschrijvingen).  Deze boekwaarde nam de voorbije 5 jaar netto toe met 15.2mio of 18%. Die toename is vooral zichtbaar in de wegen +35.2% (gebouwen +11.7%).  Dit brengt de waarde per inwoner van 2090€ naar 2343€, terwijl dit in cluster 2838 € en in de provincie gemiddeld 3237€ bedraagt (BELFIUS studie). De inhaalbeweging is dus ingezet, maar het werk is nog lang niet af.

In het goedgekeurde Meerjarenplan 2014-2019 werd voor bijna 96 miljoen euro investeringsbudget voorzien. Daarvan was, na 2/3e van de rit, al 55% uitgegeven en al voor 65% vastgelegd (opdracht tot uitvoering gegeven). De overige voorziene projecten, waaronder enkele grote investeringen, staan klaar voor uitvoering. Wanneer al deze investeringen zijn uitgevoerd, zal de schuldgraad opnieuw de grens van de 100% benaderen: de beschikbare middelen zijn dus nodig om de geplande investeringen te kunnen betalen.

Op de dagelijkse werking (exploitatie) worden de uitgaven onder controle gehouden. Op eenmalige uitgaven na volgen de kosten de inflatie (zie grafiek). In 2017 bedroeg de uitvoeringsgraad 95.63% op exploitatie-uitgaven en 100.19% op inkomsten. Deze afwijkingen worden jaar na jaar kleiner. Een deel van de afwijking is te verklaren door de lange periode van voorlopige 12den, waardoor heel wat projecten onnodige vertraging opliepen. Zo konden specifiek de extra middelen die de gemeente ontving voor de aanpak van grootstedelijke problematieken, een half jaar niet worden ingezet. Aan de inkomstenzijde wordt de impact van de belastingverlaging stilaan zichtbaar in de cijfers. De ontvangsten plafonneren structureel, hoewel er een beperkte compensatie is door de toename werkingssubsidies (grootstedelijke middelen).

Figuur 2: evolutie van exploitatieuitgaven en inkomsten

De verkoop van het waternet aan De Watergroep zorgt niet alleen voor een daling van de waterfactuur, maar de gemeente ontvangt ook netto een bedrag van ongeveer 7,9 miljoen euro. Dit bedrag wordt bij budgetwijziging ingeschreven om de schuldenlast verder te doen dalen. Dankzij deze éénmalige inkomst is er opnieuw wat meer marge voor extra investeringen, maar met een gepland investeringsritme van meer dan 10 miljoen per jaar, is de impact relatief beperkt.

Deze legislatuur laat dus een gezonde erfenis na. Dilbeek investeert in de toekomst en kan dit ook blijven doen.

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookie Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.